Review UZ Leuven (Dienst MKA) – Prof. dr. F. Van der Cruyssen
Na een langdurig medisch traject kwamen wij met hoge verwachtingen terecht bij prof. dr. F. Van der Cruyssen op de dienst Mond-, Kaak- en Aangezichtschirurgie (MKA) van het UZ Leuven. Een aanstelling als professor impliceert een grondige voorbereiding en academische zorgvuldigheid, maar de realiteit in de praktijk bleek helaas anders.
De consultatie verloopt via een starre, hiërarchische structuur. Bij binnenkomst word je eerst onderzocht door een arts-assistent. Deze bleek voorafgaand aan de afspraak het medisch dossier en de patiëntenhistoriek niet te hebben ingezien, waardoor kostbare tijd verloren ging aan het herhalen van reeds bekende feiten. Tijdens het aansluitende gesprek met de professor vervulde deze assistent louter nog een administratieve rol voor de verslaglegging, zonder inhoudelijke meerwaarde voor het consult.
Toen de professor aansloot, bleek ook hij niet op de hoogte van de specifieke historiek. Hoewel er twee opeenvolgende CBCT-scans waren gemaakt waarop geen 100% sluitende inflammatie boven hoektand 23 zichtbaar was, adviseerde hij om op basis van een vermoeden over te gaan tot een ingrijpende apexresectie. Deze ingreep is inmiddels uitgevoerd, maar heeft de pijnklachten achteraf gezien onomkeerbaar verergerd.
Als vervolgstap stelde hij het opstarten van zenuwmedicatie voor. Dit getuigt van een gevaarlijk gebrek aan dossierkennis: er stond reeds langdurig en expliciet gedocumenteerd dat de patiënt de gangbare preparaten (zoals Redomex, Tegretol, Lyrica en Trileptal) niet verdraagt, en dat deze bij hogere doseringen ernstige psychische bijwerkingen (suïcidegedachten) veroorzaken. Dit risico werd tijdens het consult volstrekt miskend.
Het meest bevreemdende is de discrepantie met zijn academische werk. Wanneer je deze arts confronteert met zijn eigen internationale publicaties over de behandeling van trigeminusneuropathie en de psychosociale impact van chronische pijn, wordt dit afgedaan met de melding dat dit 'enkel theorie is ter verfijning van diagnostische tools'. De protocollen en de patiëntgerichtheid die hij in zijn wetenschappelijke papers beschrijft, past hij in de praktijkkamer niet toe.
Met een wachttijd van bijna twee maanden voor een noodzakelijke vervolgconsultatie is er bovendien geen sprake van de vereiste urgentie of empathie voor een patiënt met acute, onleefbare zenuwpijn. Wij hebben de verdere behandeling bij het UZ Leuven wegens deze gang van zaken definitief stopgezet en kunnen deze arts absoluut niet aanbevelen."








